De monetaire situatie
MAANDBLAD VOOR HET PERSONEEL DER INCAS S O - B A N K N.V.
15e JAARGANG No. 4
APRIL 1939
Adres Redactie: AFD. BIJKANTOREN - Heerengracht 527 - AMSTERDAM -C.
VASTE MEDEWERKERS: W. Bakker, G. J. v. d. Berg, J. v. d. Berg, S. J. Bierema (secr.), F. W. Drijver Jr., J. M. F.
Everling (red.), G. Eijkenduijn, H. de Goede, G. Heidstra, C. A. Klaasse, M. E. Fr. Klinkenbergh, M. K. Kraan,
H. Kuiken, F. Nieuwenhuis, J. E. v. Ooijen, M. C. Overberg, W. du Pon (red.), A. Porcelijn (red.), Mr. W. A.
Rijk, F. J. Schrammeijer, A. Simons, C. H. L. Smit (secr.), A. W. Unkel, Is. Vorst, Mr. A. Wensing.
Sedert in September 1936 de gouden stan
daard werd losgelaten, waren wij er lang
zamerhand aan gewend geworden, dat de
gulden vrijwel constant meer gevraagd was
dan aangeboden. Het feit dat het Egalisatie
fonds voortdurend op de wisselmarkt moest
intervenieeren, teneinde stijging van den gul-
denskoers tegen te gaan, had dan ook reeds
van verschillende zijden de critiek doen
hooren, dat de guldenskoers kunstmatig was,
en dat uit den voortdurenden toevloed van
goud duidelijk bleek, dat het depreciatie
percentage te hoog werd gehouden. Inder
daad was het overschot van de vraag naar
guldens boven het aanbod van deze valuta
zeer omvangrijk. De goudvoorraad van de
Nederlandsche Bank steeg van circa 670 mil-
lioen tot 1481 millioen, een toename dus van
ruim 800 millioen. Die stijging is des te meer
frappant, wanneer men bedenkt, dat het goud,
dat de centrale bank overnam van het Egali
satiefonds tegen den ouden goudprijs werd
verworven. De huidige waarde van den goud-
voorraadaanwas beloopt derhalve rond 1 mil
liard. Voeg daaraan nog toe het bezit van
het egalisatiefonds dat overigans niet meer
dan 100 millioen kon beloopen, omdat immers
van het „kapitaal" ad 300 millioen reeds
200 millioen „verloren" werd door de ge
noemde goudoverdrachten tegen den vóór
devaluatie-prijs dan is het duidelijk, hoe
door C. A. KLAASSE
zeer de gulden rond twee jaar onder op-
waartschen druk heeft gestaan.
Die situatie nu is veranderd sedert de inter
nationale politieke crisis in September van het
vorige jaar. Reeds sedert Mei van dat jaar
had de aanwas van den goudvoorraad op
gehouden en was de toestand op de wissel
markt van dien aard, dat het Egalisatiefonds
de verschuivingen kon beheerschen zonder op
de centrale bank te behoeven terug te vallen.
Toen de politieke crisis een exodus van kapi
taal uit Europa naar de Vereenigde Staten
deed ontstaan, kon geruimen tijd ook nog het
Egalisatiefonds uit eigen middelen voldoen
aan de vraag naar deviezen. De stijging van
den dollarkoers werd gestopt, toen de notee
ring een peil van 1,88/8 had bereikt, en elk
gevraagd dollarbedrag werd op dien prijs
door het fonds afgegeven. Wel was het aan
bod van guldens op enkele dagen zeer om
vangrijk, maar, zooals gezegd, kon toch het
Egalisatiefonds op eigen kracht en die
kracht kon, zooals boven uiteengezet, niet
grooter zijn dan slechts 100 millioen de
interventies volhouden, mede, omdat tegen
over de kapitaalvlucht, ook afwikkeling van
speculatieve posities in New York stond, die
een aanbod van dollars deed ontstaan. Overi
gens was de op den gulden uitgeoefende druk
van acuten aard, en van tamelijk korten duur.
Weliswaar volgde in de eerste week van
1