p
Iets later dan vorig jaar is het nieuwe
vierjarenplan sociaal beleid uitgeko-
men. Het geldt tot en met 1985. Wat
meteen opvalt is dat het plan heel wat
kleiner is dan zijn voorganger, het plan
81/84 (zie Ankertros 11/1981). Zes on-
derwerpen konden worden afgevoerd
op grond van de bereikte resultaten.
"Het planmatig werken begint vruch
ten af te werpen," merkt de toelichting
dan ook op.
Bij zes onderwerpen zijn zulke resultaten
geboekt, dat ze niet meer genoemd hoefden
te worden. Dat geldt om te beginnen voor
het nieuwe beoordelingssysteem. De alge-
mene oefenronde met het systeem leidde
alom tot de conclusie, dat een stap vooruit
is gezet. Ook de Ondememingsraad heeft
groen licht gegeven en het systeem treedt
nu echt in werking.
De beide procedures interne sollicitaties
zijn ingevoerd, een bij vacante functies tot
en met CAO-klasse 4 en een voor daarbo-
ven. Voor nieuwe medewerkers ligt een ver-
nieuwd introductieprogramma klaar en
duidelijke informatiebrochures over de
ABN; een en ander worden thans overge-
dragen aan chefs en personeelfunctionaris-
sen. Op het gebied van vaktechnische cur-
sussen is zoveel tot stand gebracht, dat hier
sprake is geworden van een lopende zaak;
vooral voor zakelijke en particuliere kre-
dietverlening zijn cursussen gemaakt of
aangepast.
Met de komst van de coordinator is ook be-
drijfsmaatschappelijk werk een lopende
zaak geworden. Voor werkoverleg geldt iets
soortgelijks; de verdere ontwikkeling in de
ABN hangt thans af van de behoefte van
kantoren en afdelingen aan werkoverleg.
Met het oog hierop worden momenteel be-
geleiders opgeleid.
Daarmee zijn toch niet alle veranderingen
in de planning aangegeven. De bijstelling
elk jaar van de sociale planning is er vooral
om de gestelde prioriteiten nog eens onder
de loupe te nemen. Zijn de belangrijkste za-
ken van vorig jaar nog steeds van evenveel
betekenis?
Bezinning
Dit bekijken heeft op twee manieren effect
gehad op het nieuwe plan. Allereerst ko-
men drie onderwerpen niet meer voor, die
hun voorrang hebben verloren. Dat zijn:
structuur intern overleg, beleid ouder wor-
dende medewerkers en wervings- en selec-
tiebeleid. In het laatstgenoemde geval is de
verklaring eenvoudig; het aantal medewer
kers dat de bank verlaat wordt minder
(thans 6% per jaar) en mede daardoor
treden er minder nieuwe mensen in dienst.
Om die reden is er geen druk meer om met
voorrang te kijken naar Werving en selectie
in het algemeen. Bij beleid ouder wordende
medewerkers geldt een andere reden. Hier
is, op grond van gemaakte studies, de con
clusie getrokken dat een apart sociaal deel-
beleid voor deze groep medewerkers niet
wenselijk en nodig is. Het sociaal concern-
beleid heeft ook voor hen voldoende basis,
zegt het nieuwe plan. Wei is het nodig in
Vierjarenplan sociaal beleid 1982-1985
2
Kennismaking met de ABN
beoordelingssysteem-ABN i "n~angsb<'Uetia Nr
Sociale
gaat vruchten afWerpen
I OPEN TOEKENNINGSCRITERIA SALARIS
1 invoering systeem functiewaardering
Bankbedrijf
2 invoering salarisstructuur Bankbedrijf
23 pensioenregeling
II JUISTE MAN/VROUW OP JUISTE PLAATS
4/5 systemen aanbod- en vraagplanning
4.4 beleid bevordering mobiliteit
5.2 deeltijdarbeid
6 beleid inzake vrouw in het arbeidsproces
9 functioneringsgesprek
IV SAMENWERKING EN COMMUNICATIE
15 kwaliteit van het leidinggeven
19 functie en taak personeelzaken
21 sociale aspecten van automatisefing
22 systeem sociale beleidsinformatie
O
+/o
1982
1983
1984
1985
2
2/3 3/4
1
1
•*2/3 2
2
4 2
4 1/2 2/3 3/4
4 I
2/3
2/3
41/2 2/3
gericht op genoemd concernonderdeel
0 niet gericht op genoemd concernonderdeel/informatie-uitwisseling
1 inventarisatie, onderzoek
2 beleidsvorming, proefneming, voorbereiding invoering
3 (gereed voor) invoering
4 nazorg, bijstelling, follow-up
Ankertros 13